Hoge bomen in de polder

Het CPB publiceerde zojuist een mooi rapport ‘Hoge bomen in de polder’ over globalisering en topbeloningen in Nederland.

Wat blijkt: CEO’s van beursgenoteerde bedrijven verdienen 25% tot 52% meer dan bij vergelijkbare (in omvang en complexiteit) ondernemingen zonder beursnotering. De beloningsgroei bij beursgenoteerde ondernemingen is met 8,9% per jaar bovengemiddeld: 4,8%-punten van deze groei kan worden verklaard door inflatie, schaalvergroting en vergrijzing. Voor 3,9%-punten is geen verklaring gevonden. Er kon door het CPB geen groei in waarde (voor klanten, aandeelhouders en medewerkers) voor teruggevonden worden.

Dat is vreemd!

Het argument dat dan uit de kast komt is dat anders ‘toptalent’ (daarmee bedoelen de CEO’s vast vooral zichzelf) naar het buitenland vertrekt. Ook dat blijkt onzin te zijn: ondanks de afname van het beloningsverschil met Angelsaksische landen zijn er niet meer buitenlandse bestuurders toegetreden tot de top van het Nederlandse bedrijfsleven: tussen 1999 en 2005 is het aandeel van buitenlandse bestuurders constant gebleven. Bij bedrijven met een Angelsaksische eigenaar neemt het aandeel niet-Nederlanders juist af. De gemiddelde lengte van het dienstverband van bestuurders is ook niet veranderd. Deze bevindingen zijn niet in overeenstemming met het beeld dat de markt voor topbestuurders steeds meer een internationale markt is. De invloed van globalisering op topbeloningen loopt dus vooral via grensoverschrijdende concurrentie op afzetmarkten en niet via internationalisering van arbeidsmarkten.

Laten we de volgende keer dan ook gewoon ‘onzin’ roepen als dat argument weer eens van stal wordt gehaald.


AddThis Feed Button