Er gloort hoop

Zelf ben ik een adviseur met een passie voor professionaliteit en was daarom aangenaam verrast door het promotie-onderzoek van een ex-VU collega, Onno Bouwmeester, of nu dus Dr. Onno Bouwmeester. Hij promoveerde op 14 januari jl. aan de VU op een onderzoek getiteld: Advice as argument: economic deliberation in management consulting and academic contract research en kwam tot de conclusie dat academische contractonderzoekers vaak hypocriet zijn en minder goed werk leveren dan commercieel adviseurs. Cliënten doen er vaak beter aan om consultants in te schakelen.

Academici nemen het vaak niet zo nauw met hun eigen academische standaards en dat maakt hun kritiek op consultants hypocriet. De adviesbenadering van consultants leidt vaak tot geloofwaardiger en evenwichtiger uitkomsten. Zelf een afgestudeerd econoom én filosoof zegt hij in de
Staatscourant:

“Wat deze conclusies des te pijnlijker maakt, is dat academici volgens Bouwmeester vaak een hooghartige houding aannemen ten opzichte van de beroepsadviseurs. 'Ze verklaren het succes van consultants door hun retorische talent, de strakke pakken en overweldigende PowerPoint-presentaties. De toonzetting is daarbij vrij heftig, vooral als je vergelijkt hoe consultants over academici praten. Hun kritiek is milder verpakt, maar komt erop neer dat zij het echte werk doen, terwijl wetenschappers vooral praten. .... Ik kan er niets anders van maken als ik zie hoe ze (academici - PvdM) zich presenteren op het gebied van bijvoorbeeld neutraliteit, en hoe ze daar vervolgens uitvoering aan geven.”


Dus voortaan een adviseur inhuren met een half been in de wetenschap, lijkt mij!